
Industrie 4.0 is bij Haspel niet alleen een modieus modewoord, maar wordt sinds twee jaar in het bedrijf toegepast: Mensen, producten en logistiek communiceren met het ERP-systeem winweb-food met elkaar, optimaliseren zo de goederenstroom en garanderen de traceerbaarheid.

De medewerkster bij de uitsnij-uitgang tikt op het touchscreen elke kist aan die niet al met een oplegetiket geïdentificeerd is, en selecteert het artikel dat erin zit.
In Goederenontvangst bij de vleesmanufaktuur Haspel in Midden-Franken worden dagelijks ongeveer 3.500 varkenshelften aangeleverd, gewogen en de kwaliteit gecontroleerd. Een moeiteloze Traceerbaarheidwaarborgen de partijen voor goederenontvangst, die bij elke levering automatisch door het systeem worden toegewezen. De medewerkers in de Opsplitsing worden erover geïnformeerd, welke ontvangpartij wordt uitgebeend, en selecteren deze in het systeem. In de uitsnijuitgang worden ten slotte alle uitgebeende artikelen op dagproductiepartijen geboekt, die afhankelijk van het land van herkomst en kwaliteitsprogramma gescheiden worden.
Op het I-punt, de uitsorteringsuitgang, zijn drie scanners gemonteerd, die elke kist afzonderlijk identificeren: Twee scanners aan de zijkant controleren of het een rode of blauwe kist betreft. Rode kisten voor extern gebruik worden verder naar de verpakking of naar de Vers-voorraad getransporteerd. Blauwe E-Performance-kisten voor intern Goederenverkeer hebben een vaste barcode, die het wassen van de kisten overleeft en het systeem informeert, bij welk kiepstation de betreffende kist geleegd moet worden. Een andere scanner controleert van bovenaf of er in de kisten een voorgedrukt oplegetiket met barcode ligt, dat de uitsnijder daar heeft geplaatst. Op deze manier informeert hij het systeem wat zich in de kist bevindt, wanneer bijvoorbeeld delen worden getransporteerd waarbij optisch niet herkenbaar is of deze van de schouder- of hamlijn afkomstig zijn.

De productieleider houdt alles in het oog: De afgewerkte klantenop – drachten worden in realtime geregistreerd en met de streefhoeveelheid vergeleken.
De medewerker aan de uitgang van de uitsnijafdeling heeft op zijn scherm altijd vier kratten in beeld, die voortdurend en zonder stilstand van de transportband aan hem voorbij worden vervoerd. Op het touchscreen tikt de bediener elke krat afzonderlijk aan, die niet al via een oplegetiket geïdentificeerd is, en kiest vervolgens eveneens via touch het artikel dat erin ligt. Vervolgens worden de kratten gewogen en wordt het gewicht in winweb-food opgeslagen, zodat het systeem nu alles samenvoegt: Het artikel xy bevindt zich met dit gewicht in deze krat. Het artikel, het chargenummer en alle verdere, productie-relevante informatie worden naar de etiketteerautomaat gestuurd, die voor elke rode E2-krat artikelnummer en -benaming, houdbaarheidsdatum, NVE en barcode op een etiket print en dit met een persluchtstempel automatisch op de juiste plek van de krat plakt. Blauwe kratten krijgen geen nieuwe NVE, omdat elke krat door de vast aangebrachte code eenduidig identificeerbaar is.
Daarna doorlopen de kisten een metaaldetector. Om de best mogelijke detectiegraad te bereiken, is voor elk artikel een eigen detectieprogramma in het systeem opgeslagen, dat automatisch voor elke kist wordt ingesteld. Als er metaal wordt gedetecteerd, wordt de kist door een Pusher uitgesluisd. Het systeem ontvangt een terugmelding en registreert de uitgesluisde kist voor het kwaliteitsjournaal, om vervolgens naar een vooraf vastgelegde Voorraadlocatie te worden getransporteerd. Hier wordt de uitgesluisde waar ter Kwaliteitsborging en voor interne audits onderzocht en geëvalueerd. Slaat de metaaldetector niet aan, meldt de scanner het nummer van de voorbijrijdende kist aan het systeem, dat de overeenkomstige doelvoorraad selecteert, in de voorraad boekt en de wissels voor het automatische transport instelt: Vers vlees wordt naar de vers-Voorraad vervoerd, botten naar het kipstation botten, zwoerden naar het kipstation zwoerden enzovoort.

De opsplitsing gebeurt op drie parallelle verwerkingslijnen.
„De overstap naar Winweb was voor ons een operatie ‘op een open hart’: We moesten ons bestaande systeem op een vrijdag om twaalf uur loskoppelen en winweb-food op de daaropvolgende maandag om vier uur volledig in gebruik nemen. Dat was alleen haalbaar door een professionele voorplanning van Winweb en door de overeenkomstige voorbereidingsinspanning van onze kant. Maar de inspanning heeft geloond: Alle bedrijfsgebieden profiteren van veelzijdige optimalisaties en vereenvoudigingen van de werkprocessen“, zegt bedrijfsleider Florian Stadelmann. Om deze reden vertrouwt Haspel ook bij de pas in 2016 uitgebreide productielocatie, waarin vleesbereidingen, versvlees- en diepvriesartikelen voor gastronomie en levensmiddelendetailhandel worden geproduceerd, op Winweb en Industrie 4.0: De in winweb-food geregistreerde klantorders worden productieopdrachten en op een touch-terminal verwerkt. Van daaruit vindt de aansturing van de machines plaats tot en met verpakking en prijsaanduiding, die volgens individuele klantwensen plaatsvindt met inachtneming van ijkrecht, levensmiddeleninformatie- (LMIV) en voorverpakkingsverordening (FPVO). „Zo kunnen wij vlees en vleeswaren produceren die een hoge mate van klantspecifieke variatie vertonen op een blijvend hoog kwaliteitsniveau“, zegt bedrijfsleider Stadelmann.

De vleesmanufaktur Haspel e. K. werd 30 jaar geleden opgericht door directeur en eigenaar Georg Haspel en heeft zich gespecialiseerd in fijne versnijdingen en klantspecifieke artikelen op het gebied van varkensvlees. Op de bedrijfslocatie in Dombühl in Midden-Franken zijn ongeveer 200 medewerkers werkzaam, die per uur meer dan 400 varkenshelften uitsnijden, volgens individuele klantspecificaties versnijden, bereiden en verpakken.
Afbeeldingen: Winweb/Haspel
Verschenen in „Fleischwirtschaft“
Winweb Contentteam

